Obama's bezoek, een voorteken
Het bezoek van de Amerikaanse president Obama aan China was een voorteken van wijzigende machtsverhoudingen in de wereld. Ditmaal geen Bill Clinton die China gispt over mensenrechten en tegelijk als leider van het machtigste land ter wereld de nieuwkomer de Wereld handelsorganisatie, binnenloodst. Of een George Bush Jr die alle Chinese gevoeligheden inzake Tibet en Taiwan negeert en China een pact opdringt om samen het terrorisme te bestrijden. Beide presidenten vroegen en kregen nagenoeg ongecensureerde media-aandacht in de Volksrepubliek. Ze konden zich via de tv rechtsreeks wenden tot het Chinese publiek.
En Obama? Hij mocht slechts een kleine, voorgeselecteerde groep van China’s brightest toespreken. Alleen een lokaal tv-station zond het live uit. Op alle fronten kreeg hij nul op het request. Nee, tegen aanpassing van de lage wisselkoers, ofwel de dringend gewenste opwaardering van de yuan die Beijing kunstmatig goedkoop houdt, wat de Chinese export sterk bevoordeelt. Nee, tegen scherpere sancties tegen Iran en Noord-Korea. En nee, tegen een open debat over de mensenrechten.
Ditmaal was Obama de vragende partij. Hij stond oog in oog met de machthebbers van een opkomende reus die binnen afzienbare tijd Japan zal onttronen als de op een na grootste wereldeconomie. En die erin slaagt met een pakket aan stimuleringsmaatregelen van 600 miljard dollar groei van bijna 9 procent veilig te stellen.
Wat betekent dit voor de nabije toekomst? Zoals het overgeregisseerde bezoek van Obama, zonder enige Chinese concessie van betekenis, aantoont zal China haar afhankelijkheid van het Westen gaandeweg intomen. Er vindt een verschuiving plaats van accenten naar de eigen regio, naar meer handel met landen aan de Stille Oceaan. China sluit het ene na het andere nieuwe handelsakkoord. Met Japan, Zuid-Korea, Maleisië, Thailand, Indonesië en Taiwan. Binnen de losse landenband APEC wordt druk gespeculeerd over een EU-achtige regionale handelsstructuur, met mogelijk ooit een eigen munteenheid. De toekomst is aan Azië. Deze ontwikkeling moet het Westen, naar binnen gericht door de recessie, tot nadenken stemmen.
Willem Offenberg
|