adverteren     onze diensten     Twitter     contact     disclaimer     privacy     redactiestatuut     over Geledraak.nl     sitemap  
 
 
Cultuur & geschiedenis > Geschiedenis 
artikel doorsturen  

Deze week op televisie
China op TV en radio
Lees de tv tips voor de komende week op de
tv tips pagina.

Geschiedenis van Taiwan in vogelvlucht

Voor de komst van de VOC (1624)
VOC op Formosa (1624-1662)
Koxinga

Taiwan on de Qing
Kolonie van Japan

Burgeroorlog (1945-1949)
KMT-bewind (1949-1972)
Modernisering (1972-heden)

Hoewel Taiwan slechts 160 km van het Chinese vasteland is verwijderd, is dit eiland tot in de 17e eeuw nauwelijks door Chinezen gekoloniseerd en werd het voornamelijk bewoond door een niet-Chinese inlandse bevolking. Onder andere door toedoen van de Nederlandse VOC en vluchtelingen vanuit het vasteland is het eiland echter vanaf de zeventiende eeuw overspoeld door etnische Chinezen, die ten slotte de overgrote meerderheid van de bevolking gingen uitmaken. Vanaf deze tijd was Taiwan aanvankelijk een zeer onbeduidend stukje van het reusachtige Chinese cultuurgebied. Als speelbal van de geschiedenis werd Taiwan echter een opmerkelijke en vooral controversiële lot beschoren als deel van China. Als gevolg van een reeks tumultueuze gebeurtenissen in China sinds het einde van de negentiende eeuw, is Taiwan losgeraakt van het grote Chinese staatsverband, met als voorlopig resultaat een onbedoelde de-facto zelfstandigheid. Hoe dit tot stand gekomen is verdient een afzonderlijke behandeling in onderstaand artikel.

Taiwan voor de komst van de VOC in 1624
Voor het begin van de zeventiende eeuw was het eiland dun bevolkt met mensen van Maleisisch-Polynesische afkomst, waarvan afstammelingen nu nog slechts een kleine minderheid in de bevolking van Taiwan vormen. Voor de komst van de vreemdelingen leefden zij hoofdzakelijk van voedsel verzamelen en de jacht.
In het jaar 1583 gaf de kapitein van een Portugees schip het eiland (zonder er overigens aan land te zijn geweest) de naam 'Formosa' ('Ilha Formosa'; dit is Portugees voor 'het schone eiland'). Wat later vestigden de Portugezen een steunpunt in het noorden te Keelung (Pinyin: Jilong). In 1626 werd deze plek in bezit genomen door de Spanjaarden, die er twee forten en een nederzetting bouwden. Zij verbleven daar tot hun verdrijving door de VOC in 1642. Oorspronkelijke bewoners van Taiwan

De oorspronkelijke inwoners van Taiwan zijn van Maleisisch-Polynesisch afkomst.
In 1990 woonden nog ongeveer 332.000 inheemse Taiwanezen op het eiland op een totale bevolking van ongeveer 20 miljoen, voornamelijk Han-Chinezen.
(foto GeleDraak, 2000)

 

 

 

De VOC op Formosa (1624-1662)
Al sinds het begin van de 17e eeuw probeerde de VOC (Verenigde Oostindische Compagnie) vaste voet te krijgen op het Chinese vasteland. Eerst poogden ze zich te vestigen op de eilandengroep van de Pescadores (Penghu). Daarvan werden zij echter al snel, in 1624, door de Chinezen verdreven. Daarop landden de Nederlanders in augustus van dat jaar aan de zuid-westkust van het eiland Formosa. Zij begonnen direct aan de bouw van een nederzetting en een fort, 'fort Zeelandia', dat in 1627 gereed kwam. De nederzetting was in de eerste plaats bedoeld als overslagplaats van goederen aangevoerd uit oost-Azië, met name uit China en Japan. Het bleek echter al spoedig dat ook het eiland zelf interessante handelsproducten leverde, met name hertenhuiden en hertengeweien. Ook begon men met hulp van Chinezen van het vasteland rijst en suiker te verbouwen. Het werd een groot economisch succes, met als gevolg snel stijgende handels- en belastinginkomsten. In 1650 was het aantal Chinezen onder het bestuur van de VOC aangegroeid tot ongeveer 100.000 personen.
Aangezet door het commerciële succes en beducht voor concurrentie besloten de machthebbers in fort Zeelandia de controle uit te breiden tot het gehele eiland en de Spaanse kolonisten uit het noorden van het eiland te verdrijven (1642). Formosa bleek een lucratieve plek voor de Hollanders. De VOC investeerde aanzienlijk in landbouw en infrastructuur en zette zelfs scholen op waar de inheemse kinderen het Nederlandse alfabet leerden. De kolonie groeide en bloeide, maar werd voortdurend geteisterd door problemen met de Chinese boeren, die van alle kanten (door de Nederlanders en Chinezen) uitgeknepen werden. Opstanden werden bloedig onderdrukt. Vanaf 1653 ging het bergafwaarts met de handel. Dit was het gevolg van de strijd op het vasteland tussen de nieuwe Qing-dynastie en overgebleven Ming-loyalisten, de bovengenoemde opstanden en natuurrampen.

Fort Zeelandia (Tainan op Taiwan)

Fort Zeelandia, waarvan de (schamele) overblijfselen in het huidige Tainan nog te bezichtigen zijn.

Ten slotte hebben de bestuurders van de VOC in Batavia de militaire bedreigingen van Chinese zijde onderschat. Dit leidde ertoe dat het eiland relatief snel verloren ging in 1661-62, na een grootscheepse invasie vanuit het Chinese vasteland. Aanvoerder van deze invasie was de lokale leider van de Ming-loyalisten aan de overzijde van de Straat van Taiwan, Zheng Chenggong, in Nederland bekend als Koxinga.

Verovering door Koxinga, Zheng-dynastie; 1662-1683
In 1653 voltooiden de Nederlanders de bouw van een tweede fort, in de nabijheid van Zeelandia: fort Providentia. Echter, onvoldoende gesteund vanuit Batavia met schepen en manschappen, bleek de bezetting van deze vestingswerken niet in staat om het eiland te verdedigen tegen de onafhankelijke piraat (of nationale held, alnaargelang van welk perspectief men het beschouwt) Zheng Chenggong. Hij werd door de Nederlanders Koxinga genoemd. Koxinga is een verbastering van het Chinese Guoxingye, wat 'hij met de keizerlijke achternaam' betekent. Koxinga had het recht de keizerlijke achternaam te mogen dragen, gekregen van de door de Qing machthebbers verdreven Ming pretendent. Hij was geboren in Hirado, Japan, als zoon van een Japanse vrouw en een rijke Chinese handelaar, die een groot zeehandelsimperium had opgebouwd en uitstekende relaties onderhield met het hof van de Ming-dynastie. Koxinga beheerste door middel van een sterke vloot grote delen van de zuid-oost kust van het Chinese vasteland en de eilanden voor de kust. Hij opereerde in het midden van de 17e eeuw vanuit de havenstad Xiamen (Amoy), gelegen op een eiland dichtbij het vasteland tegenover Formosa. Hij werd echter door de nieuwe heersers van China, de Qing-dynastie, steeds meer in het nauw gedreven en zag zich genoodzaakt in 1661 zijn bases op en nabij het vasteland te ontruimen. KoxingaFormosa was een reeds lang tevoren uitgekozen schuilplaats. Met een overmacht aan manschappen en schepen ging hij aan land iets ten noorden van de Hollandse machtsbasis nabij het huidige Tainan.

Zheng Chenggong "Koxinga"
(1624-1662)

Het VOC fort Providentia was snel veroverd (1661). Fort Zeelandia hield nog stand tot begin 1662, maar moest door gebrek aan hulp vanuit Batavia opgeven. Met de aftocht van de Nederlandse bezetting van fort Zeelandia, was de VOC-periode op Taiwan geheel ten einde. Nog jaren is er door de Nederlandse koloniale machthebbers in Batavia en Amsterdam geruzied over de vraag, wie er verantwoordelijk was voor het verlies van dit eens zo trotse bezit.

Koxinga kon voortbouwen op wat de Nederlanders hadden aangelegd en hij bestuurde Formosa als een de-facto onafhankelijke staat. Uitbreiding van het landbouwareaal en nog grotere immigratie vanaf het vasteland waren de voornaamste resultaten. Het gebied rondom de veroverde Nederlandse forten werd zijn hoofdkwartier en omgedoopt tot Anping ('vrede en gerechtigheid'). Koxinga voerde een strak georganiseerde economische en militaire orde in. Dit was o.a. nodig als verdediging tegen de steeds aggressiever wordende oorspronkelijke inheemse bevolking, die door de Chinese immigratie steeds meer in verdrukking was gekomen. Koxinga stierf reeds in mei 1662 op 39-jarige leeftijd. Zijn zoon Zheng Jing volgde hem op. Deze wist tot zijn dood in 1682 het erfgoed van zijn vader te behouden, en voerde zelfs, zonder succes, aanvallen op het vasteland uit. Een lang leven was de 'Zheng-dynastie' niet beschoren want een jaar na Zheng Jing's dood wisten het leger en vloot van de nu oppermachtige Qing-dynastie vanuit het vasteland het eiland te veroveren.
Koxinga is nog steeds een populaire held op zowel Taiwan als op het vasteland. Hij was het die het eiland definitief voor de Chinezen in bezit nam, en wel vooral ten koste van een westerse koloniale macht, hetgeen niet in geringe mate bijdraagt tot zijn populariteit.

Taiwan in de 17e eeuw

Het eiland Formosa en het tegenoverliggende vasteland tijdens de 17e eeuw.
Het belangrijkste steunpunt en bestuurscentrum van de VOC met o.a. de forten Zeelandia en Providentia lag op de plaats, die later door Koxinga 'Anping' genoemd werd (nabij het huidige Tainan).

Taiwan onderdeel van het Qing-imperium (1683-1895)
De 200 jaar durende periode na de verovering van Taiwan door de Qing-troepen werd gekenmerkt door verdergaande bevolkingsgroei (hoofdzakelijk door immigratie van het vaste land) en bloei van de landbouw. De bevolking nam toe van enkele honderdduizenden tot ongeveer 3 miljoen zielen in 1890. Aanbouw van rijst en andere producten zoals aardappelen, maïs en pinda's werden later aangevuld met thee en suikerriet. Door de toename van het landbouwareaal kwam het steeds vaker tot schermutselingen tussen de inheemse bevolking en de immigranten. De laatsten waren in aantal en bewapening veruit de meerdere, zodat de oorspronkelijke inwoners steeds meer naar de hogere en onherbergzamere streken moesten uitwijken.
Bestuurlijk maakte het eiland, vanaf nu Taiwan geheten, deel uit van de provincie Fujian. De hoofdplaats was tot 1885 Taiwanfu. In 1885 werd Taiwan een zelfstandige provincie met Taipei (Pinyin: Taibei) als hoofdstad. Taiwanfu heet vanaf die tijd Tainan (op Taiwan ook T'ai-nan gespeld).
In de tweede helft van de negentiende eeuw werd ook Taiwan meegesleept in de misère die heel China trof, veroorzaakt door het verval van de Qing-dynastie en de imperialistische aspiraties van de Westerse mogendheden en Japan. Als gevolg van het verdrag van Tianjin in 1858, werden de havens van Tainan en het noordelijk gelegen Danshui opengesteld voor de buitenlandse verdragspartners. Regelmatig kwam het tot gewapende conflicten tussen de koloniale machten en de Taiwanezen. Over het algemeen waren de acties van de Westerse machten en Japan weinig succesvol en bleef de schade beperkt. Vanaf ongeveer 1885 was er zelfs sprake van een sterke economische vooruitgang en modernisering van het eiland onder leiding van bekwame (lokale) provinciale gouverneurs

Een kolonie van Japan (1895-1945)
In 1894 verloor China de oorlog tegen Japan. Het vredesverdrag van Shimonoseki, getekend in april 1895, voorzag onder andere in afstand van Taiwan en de Pescadores aan Japan. De plaatselijke Chinese autoriteiten wilden de Japanners niet ongestoord bezit laten nemen van het eiland. Zij organiseerden gewapend verzet en riepen in mei 1895 de 'Republiek Taiwan' uit. Dit mocht alles niet baten: Na een strijd van enkele maanden, was Taiwan definitief in handen van de Japanners.
Gedurende de volgende vijftig jaar werd Taiwan bestuurd als een kolonie. Op openlijk verzet stond de doodstraf. De bevolking werd door middel van een verfijnd systeem van onderlinge bewaking en 'gemeenschappelijke verantwoordelijkheid voor orde en rust', stevig onder de duim gehouden.
De door de Japanners geleide regering nam strenge maatregelen om het eiland financieel op eigen benen te laten staan en daarbij de kosten van de eigen bezetting op te laten brengen. Monopolies op bijv. zout, koper, opium, tabak en alcohol leverden extra inkomsten bovenop de relatief hoge belastingen en het verpachten van staatsgrond. Positief gevolg was een sterke verbetering van de infrastructuur (wegen, spoorwegen, havens). De economische groei ging echter weer ten koste van de niet-Chinese inheemse bevolking, die op gewelddadige en wrede wijze verder van hun traditionele grond verdreven werden.
Na de nederlaag van Japan in de Tweede Wereldoorlog, keerde Taiwan na vijftig jaar 'afwezigheid', in oktober 1945 weer tot het officiële Chinese grondgebied terug.

Taiwan tijdens de Chinese burgeroorlog (1945-1950)
Na de Japanse capitulatie stuurde de republikeinse regering in Nanjing een gouverneur, vergezeld van dertigduizend 'adviseurs', naar Taipei om het eiland te besturen. Het was echter geen gelukkige keuze. De gouverneur, Chen Yi, en zijn kliek vestigden een bewind van corruptie en terreur. Op 28 februari 1947 kwam het tot een gewelddadige uitbarsting van de bevolking tegen de corrupte heersers. Onder druk van het oproer moest de gouverneur toegeven aan de eisen van de demonstranten, die zich hoofdzakelijk richtten tegen corrupte instellingen en hun leiders. Ondertussen had het bewind echter militaire hulp vanaf het vasteland laten komen, die de opstand al in maart 1947 bloedig onderdrukte. De gebeurtenissen hebben de relatie tussen de Taiwanezen en de vastelanders nog jarenlang vertroebeld, ondanks het ontslag van Chen Yi hetzelfde jaar. (Hij werd in 1950 vanwege zijn wandaden geëxecuteerd.)

(Lees ook over gevoeligheden, nog tijdens de herdenking op 28 febr. '07, in IHT en een uitstekend artikel op de site van de BBC; en het 2-28 incident op Wikipedia)

Ondertussen leed de nationalistische regering van de republiek op het vasteland nederlaag na nederlaag tegen de communisten. Eind 1948 was de situatie voor de Kuomintang (KMT, Guomindang, de nationalistische partij) regering op het vasteland zo catastrofaal geworden, dat Chiang Kai-shek (Jiang Jieshi) opdracht gaf tot evacuatie van het gehele militaire en ambtenarenapparaat (voor zover nog trouw aan zijn regering) naar Taiwan. In 1949 arriveerden zo ca. 1,2 miljoen aanhangers van de Kuomintang. Taipei werd nu de regeringszetel van de Republiek China. De facto echter reikte de regeringsmacht niet verder dan Taiwan, de Pescadores en een aantal eilanden vlak voor de kust van het vasteland (Matsu (Mazu), Quemoy (Jinmen) en een aantal kleinere eilanden).
De Republiek had sinds 1946 in theorie een nieuwe democratische grondwet en constitutie. Op de hierin vastgelegde grondrechten kon men echter vanaf 1949, toen de noodtoestand uitgeroepen werd, effectief geen beroep meer doen. Bovendien had het staatshoofd (Chiang Kai-shek, tot zijn dood in 1975) in 1948 buitengewone volmachten gekregen, die hem dictatoriale macht gaven. De noodtoestand heeft tot 15 juli 1987 geduurd; de bijzondere volmachten van de president werden pas in april 1991 afgeschaft.

Het KMT bewind van 1950 tot 1972: Het laatsts steunpunt van de ROC
In 1950 leek het erop dat ook de laatste bolwerken van de nationalisten spoedig zouden vallen: Van de eilanden die de Kuomintang nog in handen had, vielen in 1950 het grote eiland Hainan (mei 1950) en de eilandjes nabij Shanghai, de Zhoushan eilanden, toe aan de communisten. Aanvallen op het eiland Kinmen, nabij Xiamen, konden in 1949 en 1950 nog wel worden afgeslagen.
Na het uitbreken van de Koreaanse oorlog in juni 1950 besloten de VS Taiwan en de overgebleven eilanden, die nog in handen van de nationalistische regering waren, uit strategische overwegingen te beschermen tegen de communisten. De Amerikanen stationeerden de 7e vloot in de straat van Taiwan (die er bleef patrouilleren tot 1969). Op verscheidene plaatsen op het eiland legden de Amerikanen militare vliegvelden aan, met de bedoeling de Volksrepubliek af te schrikken. De Volksrepubliek moest haar 'bevrijdings'-plannen van Taiwan voorlopig uitstellen.
Desondanks vonden nog geregeld gevechten plaats. Hierbij werd in de winter van 1954/55 de Dachen eilandengroep voor de kust van de provincie Zhejiang na zware strijd door de marine van de Volksrepubliek ingenomen.

Kust van Fujian bij Jinmen


Ligging van JinmenHet schiereiland Xiamen (Amoy) en het eiland Kinmen (Quemoy of Jinmen) met hun gunstig gelegen natuurlijke havens hebben gedurende verschillende perioden van de geschiedenis van zuidoost China een belangrijke rol gespeeld. De Nederlanders hadden er een oogje op. Koxinga had er zijn machtsbasis in de 17e eeuw en vanaf 1949 vormen de beide eilanden het meeste nabije aanrakingspunt van de beide China's. Xiamen (Amoy) was één van de verdragshavens, afgestaan aan de koloniale machten na de Opiumoorlog. .
In de jaren vijftig werd hevig om Kinmen gevochten. Sinds het einde van de jaren 70 heerst er wapenstilstand en vindt er tussen de bewoners van Kinmen en die van het vaste land levendige handel plaats. In februari 2001 werd enkele inwoners van Xiamen, na 50 jaar, toegestaan hun geboortegrond Kinmen te bezoeken. Een verdere stap in de dooi tussen Taiwan en de VR China?

Vanaf juli 1958 werd Kinmen wederom aangevallen en voortdurend met artillerie gebombardeerd vanaf het vasteland. Aanvankelijk (de eerste 44 dagen) waren de bombardementen zeer hevig. Maar nadat duidelijk werd dat de bombardementen niet veel uitrichtten tegen de ondergrondse verdedigingswerken, beschoot de Volksrepubliek het eiland steeds vaker met propagandamateriaal in plaats van springstof. Na de toenadering tussen Peking en Washington in 1971/72, hielden de bombardementen definitief op.
Vanaf 1950 ontwikkelde zich op Taiwan een waar 'Wirtschaftswunder'. De goede infrastructuur aangelegd in de Japanse tijd, de economische steun van Amerika tijdens de heetste fase in de Koude Oorlog, een succesvol doorgevoerde landhervorming en een doortastende monetaire hervorming vormden de basis voor de doorbraak in de jaren zestig. Ook in ongeveer alle takken van industrie werden grote successen geboekt. De groei van het nationale product bereikte ongekende hoogte in de Aziatische wereld. De winsten bezorgden Taiwan eveneens een grote monetaire reserve en maakten de beurs van Taipei tot de belangrijkste in de regio.
Ten tijde van de Koude Oorlog was de ondersteuning van de Kuomintang-regering in Taiwan een belangrijke hoeksteen van de politiek van de Verenigde Staten. Zij zorgden ervoor dat de regering van Chiang Kai-shek als enige erkende vertegenwoordiging van geheel China in de Verenigde Naties zitting had en zelfs permanent lid van de Veiligheidsraad was. De politieke positie van de nationalisten begon echter al tijdens de jaren zestig af te brokkelen, toen de belangrijkste Europese regeringen de regering in Peking als enige vertegenwoordiger van China erkenden. Toen ook de betrekkingen tussen de VS en China zich vanaf het begin van de jaren zeventig sterk begonnen te verbeteren, begon de Amerikaanse steunpilaar ernstige scheuren te vertonen. In 1971 moest Republiek zijn zetel in de Verenigde Naties afstaan aan de Volksrepubliek. Een zware slag voor Taipei was het aanknopen van diplomatieke betrekkingen van Japan met de Volksrepubliek in 1972. Het voor Beijing zo succesvolle bezoek van president Nixon aan China in 1972 maakte voor iedereen met een schok duidelijk, dat Taiwan aan het begin van een nieuwe periode stond, waarbij het niet meer kon steunen op de westerse bondgenoten uit de Koude Oorlog, maar zichzelf moest zien te redden.

Vlag van de ROC


Vlag van de Republic of China (ROC) op Taiwan

Het moderne Taiwan (1972-heden)
Onder invloed van de genoemde ongunstige ontwikkelingen met betrekking tot de buitenlandse politiek, richtte de regering zich vanaf 1972 steeds meer op de economische en staatkundige ontwikkeling van het nu geïsoleerde Taiwan en de overgebleven eilanden, die nog in hun macht waren. Chiang Kai-shek was in 1975 gestorven. Zijn zoon Chiang Ching-kuo (Jiang Jingguo) volgde hem in 1975 op als voorzitter van de Kuomintang en in 1978 als staatspresident van de Republiek China (R.O.C.). Onder Chiang Ching-kuo werd de corruptie stevig aangepakt en werd krachtig geïnvesteerd in landbouw en industrie. Tevens werden regeringsfuncties verder opengesteld voor op het eiland geboren Taiwanezen. Het resulterende economische succes, de ontspanning tussen Oost en West en de verschuiving van de belangstelling naar het eiland zelf, leidde langzaam maar zeker tot een luider wordende roep om meer vrijheid van meningsuiting en democratie. Dat dit ideaal in 1979 nog niet binnen bereik lag,bleek uit het verbod van het literaire tijdschrift 'Meilidao' ('Formosa'). Dit tijdschrift streefde openlijk naar meer democratie op Taiwan. Echter, politieke meningsvorming buiten de Kuomintang werd toen nog niet getolereerd. Op 10 december 1979 vond er te Kaohsiung een demonstratie plaats die hardhandig uiteengeslagen werd. Door dit zgn. 'Kaohsiung Incident' belandden vele personen die oppositie tegen de KMT leidden in de gevangenis. Acteraf bezien bleek de oppositie een morele overwinning te hebben behaald, die uiteindelijk een ware politieke ommekeer in Taiwan teweeg gebracht heeft. In 1980 kon de KMT nog een partijcongres houden (het XIIe) met een reactionaire boventoon. In leidende kringen, o.a. bij Chiang Ching-kuo zelf, begon men echter te beseffen dat het roer om moest en dat de gestaag groeiende democratische beweging de ruimte moest krijgen. Hierdoor en als uitvloeisel van het 'Kaohsiung incident'. kon het gebeuren dat er in 1986 voor het eerst naast de KMT een nieuwe politieke partij, de Democratische Progressieve Partij (DPP, in Pinyin: Minjindang) kon worden opgericht, weliswaar illegaal, maar getolereerd tot haar officiële toelating in 1989. In 1989 werd de noodtoestand opgeheven gevolgd door de opheffing van de speciale volmachten van de president in 1991.

Intermezzo: Chiang Ching-kuo (Jiang Jingguo)
Een van de personen, die het meest bijgedragen heeft aan de ommekeer van de nationalistische politiek in de richting van een volwassen democratie was Chiang Ching-kuo (Pinyin: Jiang Jingguo). Chiang Ching-kuoHij was in 1909 als oudste zoon van de Chiang Kai-shek en diens eerste vrouw geboren in de provincie Zhejiang.

Chiang Ching-kuo (1909-1988)

Tijdens de periode van samenwerking tussen communisten en nationalisten studeerde hij in Moskou en trad in 1925 toe tot de communistische partij. Toen de relatie tussen communisten en nationalisten, o.a. door toedoen van zijn vader, verkilde en in vijandschap veranderde werd Chiang prompt naar Siberië verbannen. Na het accoord van beide partijen om een volksfrontregering tegen de Japanners te vormen kwam Chiang Ching-kuo weer vrij. Hij keerde terug in China in 1937, nu als felle anti-communist.
Gedurende de periode tot de vlucht van de nationalistische regering naar Taiwan vervulde hij verschillende ambten op het vasteland, waarin hij zich vaak teweer stelde tegen bureaucratie en corruptie. In 1965 werd hij minister van Defensie in de nationalistische regering op Taiwan en in 1972 premier. In 1975 werd hij, na de dood van zijn vader, voorzitter van de Kuomintang. In 1978 werd Chiang Ching-kuo, tot zijn dood in 1988, president van de Republiek. Meer dan zijn vader toonde Chiang Ching-kuo zich een man van het volk. Zijn grootste bijdrage aan de geschiedenis van Taiwan is ongetwijfeld zijn inzet voor een modern Taiwan, in economisch maar vooral in politiek opzicht, waarbij hij bewust de dominerende positie van zijn partij (de Kuomintang) opgaf.

Het moderne Taiwan (1972-heden): vervolg
Als gevolg van de ontspanning tussen de Volksrepubliek en het westen werd ook in de relaties tussen Taipei en Beijing voortgang geboekt. Termen als 'bandieten', wanneer men de andere partij bedoelde, werden vervangen door meer diplomatieke bewoordingen. Ook spreken beide China's nu over 'hereniging' en niet meer over 'bevrijding' of 'herovering' wanneer men het streven naar eenheid aanduidt (al is men het uiteraard nog verre van eens over de vorm waarin deze hereniging moet plaatsvinden). Waren de tegenstellingen tussen Taipei en Beijing van ideologische en machtspolitieke aard, sinds de jaren tachig en negentig van de 20e eeuw heeft zich een nieuwe tegenstelling aan de oppervlakte getoond: onafhankelijkheid.
De mislukking van de nationalistische regering om het vasteland te heroveren en de steeds verder gaande Taiwanisering van de economie en regeringsapparaat hebben er in de loop der jaren toe geleid dat de banden met het vasteland verslapten en daarmee de roep naar onafhankelijkheid van Taiwan steeds luider werd. Dit schrikbeeld van Beijing beheerst het politieke debat na het overlijden van Chiang Ching-kuo, die in dat opzicht het oude Taiwan vertegenwoordigde. In 1988 werd het presidentschap overgenomen door de op Taiwan geboren landbouwdeskundige, Lee Teng-hui (Li Denghui). Lee werd in 1996 (voor het eerst direct door het volk) herkozen als president. Hij kwam bij verschillende gelegenheden in conflict met de regering in Beijing vanwege de afstand die hij heeft genomen ten aanzien van concrete herenigingsvoorstellen van Taiwan met het Chinese vasteland.Lee Teng-hui
In 2000 won de presidentskandidaat van de DPP, Chen Shui-bian, het presidentschap. Chen heeft zich voor zijn verkiezing nog veel eenduidiger uitgesproken voor onafhankelijkheid van Taiwan dan zijn voorganger.

Lee Teng-hui

De regering in Beijing laat geen gelegenheid voorbijgaan om haar onaanvaardbaar over dit streven uit te spreken. De regering van Chen Shui-bian heeft echter uiteindelijk toch nagelaten concrete stappen naar onafhankelijkheid te zetten (noch een referendum hierover te houden). Zij streefde ernaar de dialoog met het vasteland te heropenen zonder voorwaarden vooraf. Zij vond het onaanvaardbaar bij voorbaat in te stemmen met het door Beijing geformuleerde principe van "Één land, twee systemen", zoals dat geldt voor Hong Kong. Chen Shui-bianChen Shui-bian bleef gedurende zijn ambtsperiode, die tot 2008 duurde, streven naar een eigen status voor Taiwan. Ondanks zijn onverzettelijkheid (of juist hierdoor) faalde dit streven geheel. Op 22 maart 2008 gingen de Taiwanezen naar de stembus om een nieuwe president te kiezen. Wat verwacht werd gebeurde: De kiezers lieten de DDP hard vallen. De verkiezing werd met veel overtuiging gewonnen door de kandidaat van de Kuomingtang, Ma Ying-jeou. Daarmee kwam een einde aan de rigide afwijzing van toenadering tot Beijing. In Beijing was de tevredenheid groot. Na de verkiezing van Ma ving een nieuwe periode aan van verbetering van de relaties tussen Taiwan en de Volksrepubliek.

Chen Shui-bian, president van de ROC (2000-2008).

Inmiddels heeft er in de Volksrepubliek zelf, na de hervormingen van Deng Xiaoping ook een economisch wonder plaatsgehad. Gevolgen zijn een grote kapitaalstroom van Taiwan naar het vasteland en een daarmee gepaard gaande vervlechting van de economiën van Taiwan en de Volksrepubliek. In de zo onstane wederzijdse afhankelijkheid en complexiteit in de relaties lijkt het in niemands belang de spanningen op te voeren en heeft dit vooralsnog geleid tot handhaving van de status quo zonder duidelijke ontspanning op politiek gebied. De nieuwe situatie heeft sinds het jaar 2000 voor de opkomst van een derde, steeds sterker wordende groep gezorgd. Deze groep word geleid door Taiwanese investeerders in het vasteland en (jonge) moderne managers die in de Volksrepubliek werk gevonden hebben in dienst van Taiwanese of westerse bedrijven. Zij staan, gemotiveerd door zakelijke belangen, een pragmatische aanpak van de problemen tussen Peking en Taipei voor en zijn bereid tot een compromis met Peking. Een grote steun in de rug voor dit streven vormde de eerste rechtstreekse vluchten tussen Taiwan en het vasteland tijdelijk ingesteld, ter gelegenheid van het Chinese Nieuwjaar in februari 2005. Inmiddels neemt het aantal rechtstreekse contacten tussen het vaste land en Taiwan gestaag toe. In het najaar van 2008 voeren voor het eerst sinds de burgeroorlog weer vrachtschepen direct tussen Shanghai en Kaoshiung (en vice versa). Een gebeurtenis die een direct gevolg was van de verkiezing van Ma en die van beide kanten met veel feestvertoon werd opgeluisterd.

Taiwan ROC


De territoriale situatie van Taiwan en de eilanden onder controle van de Nationalisten vanaf ca. 1950.
(Alleen de belangrijkste steden zijn aangegeven.)



Laatst gewijzigd op: 25-5-2010
 
Gerelateerde pagina's  
Chen Shui-bian voor de rechter
EU schaft visumplicht af voor reizigers uit Taiwan
Geschiedenis Nederland-China
Kaalhoofdige Taiwanezen weer welkom in Xiamen
Oprichter Giant (76) voltooit fietstour door Nederland
Plannen voor ballonvaart Taiwan-China
President Ma: raketten gericht op Taiwan mogelijk weg
Reistips: Taiwan
Taiwan deel van China?
Taiwan: een nieuwe start; open brief
Taiwanese boer wil communistisch president worden
Taiwanese supporters met Burmese vlag
Verzwegen oorlogsmisdaden
VN wil opnieuw niet praten over toelating Taiwan
VOC op Taiwan
Woordenstrijd over Taiwan
reageren op artikelreageren
Gastpagina's

VNC Asia Travel - al 35 jaar
Dé China specialist!
Jouw Chinareis
Stichting EuSino
DimSum reizen
China online reizen
China Minority Travel
WondersofYunnan
Chinese Kookworkshop
Massage in Eindhoven
Chinees leren in Beijing



In de spotlights:


Op zoek naar een passend relatiegeschenk voor uw zakenreis naar China of Taiwan? Fotoboek Holland of Amsterdam in het Chinees. Fraai uitgegeven en makkelijk mee te nemen, zie webshop Zaiton.nl

Uw bedrijf in de spotlights?
Handig voor korte acties zoals nieuw bedrijf of aanbiedingen. Max. 20 woorden. Lees hier meer..!

advertenties cultuur

 



Tip! Wilt u CHINEES LEREN? Ikleerchinees.nl / Geledraak.nl biedt doorlopend diverse cursussen aan, gegeven door professionele, ervaren docenten. Locatie: Haarlem-Zuid/Heemstede. Goed bereikbaar met trein.
Lees hier meer...

Het weer in Beijing